Doodencel 601


Een aantal cellen in de middelste gang van het Oranjehotel, de D-gang, werd gebruikt als “dodencellen”.
Hier wachtten terdoodveroordeelden op het bevel om door het Poortje naar de vrachtwagen te lopen die hen naar de Waalsdorpervlakte zou brengen. In hun laatste uren mochten de gevangenen contact hebben met elkaar, praten, bidden, huilen, zingen. In sommige gevallen mochten ze nog een brief schrijven.

Eén van de dodencellen, Doodencel 601, is in oorspronkelijke staat behouden. Een portret van koningin Wilhelmina hangt nu boven de deur. De muren tonen de authentieke inscripties van de gevangenen, waarmee hoop, angst en verlangen naar huis werden geuit. Doodencel 601 vormt de kern van de jaarlijkse herdenking.

Bekijk beeldmateriaal.